Make your own free website on Tripod.com

Oranjeschool Amsterdam

reunie 1984
Home
argief
reunie 1984
vervolg reunie
klassenfoto's
Diamant buurt
gastenboek
contact

Op zaterdag 19 mei 1984 zou ik terug in de tijd gaan i.v.m. de reunie van de Oranjeschool die op deze dag zou plaatsvinden. Nog eenmaal zou ik het oude schoolgebouw betreden aan de Tolstraat en nog eenmaal zou ik gezichten van vroeger terugzien. Het was deze dag vrij zonnig, dus het weer werkte bepaald mee.  Om kwart voor twee reed ik met de auto richting Oranjeschool. Ik parkeerde de auto in de Talmastraat. Ik wandelde de straat uit en ging linksaf de Mauvestraat in en zag voor me uit het terrein dat achter de Oranjeschool gelegen was en dat vroeger tot speelplaats gediend had maar waar nu een apart gymnastieklokaal was verrezen. De achtergevel van de school stak er nog net bovenuit waarvan de muren nog steeds grijs gekalkt waren Achter de ramen van de bovenste verdieping zag ik al mensen bewegen en dat zou best kunnen want het was op dat moment al vijf over twee terwijl de reunie officieel om twee zou beginnen. Ik ging vervolgens rechtsaf de Lutmastraat in richting Van Woustraat. Daar ging ik linksaf en passeerde daarbij de plaats waar ik vroeger de functie van klaarover had uitgeoefend, ter hoogte van de vroegere slagerij van Le Fébre wiens dochter Drea bij mij in de klas zat. Voorbij de apotheek sloeg ik linksaf de Tolstraat in en direct zag ik al een grote schare mensen staan voor het schoolgebouw. Ik kwam dichterbij en voegde me bij de groep. Het eerste dat me opviel was dat er zoveel oudere mensen bij stonden van zo’n 50, 60 en 70 jaar. Uiteraard zag ik uit naar oude-leerlingen, klasgenoten en leerkrachten; mensen die deel uit hadden gemaakt van m’n vroeger jeugd, maar kon ze vooralsnog niet ontdekken. De eerste bekende die ik tenslotte dan toch zag was Jan Rein van Oostrum. Hij kwam schuin achter mij aangelopen. Hij was zo’n vijf jaar ouder dan ik en had dus nooit bij me in de klas gezeten in tegenstelling tot z’n jongere broer Adrie van Oostrum. Hij was nu een stuk dikker geworden in vergelijking met vroeger en was tevens al flink grijs, zo niet wit. We begroetten elkaar even. De volgende bekende die ik zag was dan z’n broer Adrie. Deze stond op dat moment op de hoek van de Tolstraat en de Toldwarsstraat ongeveer ter hoogte van de woning waar vroeger de vermoedelijk reeds lang overleden heer Lente gewoond had, onze vroegere concierge van de Oranjeschool.

Hij stond te praten met een groepje mensen, dat waarschijnlijk ook voor de reunie kwam. Even later kwam hij op ons toelopen en zei me gedag. Hij was niet eens zo veel veranderd. Hij droeg nu een lange baard. Lange tijd was hij vrijgezel gebleven maar nu scheen hij inmiddels samen te worden. Vooraan in de rij mensen vlak bij de ingang van de school zag ik een man staan waarin ik Dick de Kleuver meende te herkennen. Alleen was hij dan wel wat magerder geworden en tevens wat kalend. Hij was netjes gekleed in een donkere broek en licht colbert. Ik wist echter niet zeker of hij was. Vervolgens zag ik Bas Roubos komen aanlopen. Hij droeg kort gemilimeterd haar dat al nagenoeg grijs was geworden. Hij gedroeg zich nog net zo rondborstig vriendelijk als vroeger. Hij begon direct een praatje met me.Terwijl we zo stonden te praten zag ik vanuit de richting van de Toldwarsstraat, Ketty van Schuppen aan komen lopen, samen met wat andere vrouwen waaronder Tomma Kooy. Ondertussen bewoog de rij mensen bij het schoolgebouw zich langzaam naar binnen. Vroeger kon het portiek dat de ingang vormde van de school afgesloten worden door een metalen groengeschilderd hek. Daarachter in dat portiek hadden zich dan de eigenlijke toegansgdeuren bevonden. Maar dat was inmiddels veranderd in die zin dat deze zich nu bevonden waar vroeger het ijzeren hek bevestigd was geweest. Zo was er wat ruimte gewonnen. Ook de koperen vierkante trekkert waarmee de schoolbel in bewgeging kon worden gebracht was inmiddels verdwenen. Langzaam maar zeker naderde het moment dat ook ik het gebouw kon betreden. Ik bedacht me ondertussen dat ik nooit had kunnen bevroeden dat ik ooit nog eens in de Tolstraat in de rij zou komen te staan voor de Oranjeschool. Voor ik naar binnen ging, keek ik langs de bruine gevel omhoog en zag de hoge smalle ramen met tuimel bovenlichten. De versierde stenen dakrand was inmiddels verdwenen. Toen ik eenmaal het gebouw was binnen geschuifeld, samen met Bas Roubos moesten we ons begeven naar het voormalige gymnastieklokaal om ons als het waren aan te melden bij de reunie commissie. Alvorens ik dat lokaal betrad kon ik nog ruimschoots een blik werpen in de hal. Links zag ik weer de beige deuren voorzien van ruiten die toegang hadden gegeven tot de beide kleuterklaslokalen. Of ze tot voor kort nog alszodanig gebruikt waren geweest, wist ik niet. Voor mij uit zag ik de blauwstenen  trap en hoeveel keer was ik die niet op en afgelopen. Alleen waren de treden niet meer zo uitgesleten als dat ik mij herinnerde.

Waarschijnlijk waren ze vervangen door nieuwe exemplaren of waren ze bijgewerkt. Nog steeds bevonden zich naast de trappen de houten leuningen voorzien van koperen knoppen die er op aan gebracht waren om te voorkomen dat leerlingen zich naar beneden konden laten glijden. Door het grote glazen raam in de achtergevel van het trappenhuis zou ik overigens niet meer de plataan zien die vroeger de speelplaats sierde want die was reeds lang verdwenen om plaats te maken voor een modern gymnastieklokaal. Maar nog steeds bevond ik me in een menigte mensen die nu  het oude gymnastielokaal betraden. Niets in het lokaal herinnerde nog aan de vroegere functie Het was niet voor te stellen dat hier ooit gymnastieklessen waren gegeven. Het was dan ook niet voor niets dat voor de gymnastiekessen in latere jaren was uitgeweken naar gymnastielokalen in andere scholen. Ik had me ooit eens laten vertellen dat het desbetreffende lokaal in de Oranjeschool in eerste instantie dan ook niet bedoeld was geweest als gymnastieklokaal om de doodeenvoudige reden dat het geven van gymnastieklessen in het begin van de 20e eeuw nog niet verplicht was. Het lokaal zou dan ook later alsnog ingericht zijn geworden als gymnastieklokaal. Ik kon me de lessen nog wel herinneren onder leiding van de stijve lijzige juffrouw Krebbers. Ook stond me nog levendig voor de geest dat het lokaal ook gebruikt werd als filmlokaal, door zowel de Oranjeschool als door de Oranje Kinderkerk, als ook voor andere bijzondere bijeenkomsten. Ik was ondertussen bij een aantal tafels gekomen waarachter zich diverse commissieleden bevonden. De mensen die reeds langs de tafel geweest waren liepen in tegengestelde richting de gang weer op. Achter een van de tafels ontdekte in Hans Vogel Ik wist dat hij evenals z’n broer Casper in de journalistiek terecht was gekomen.

Ik meldde met nu bij een van de commissieleden. Deze vroeg naar m’n naam en ik werd daarop verwezen naar het tafeltje van Hans Vogel omdat hij oud-leerlingen met de achternaam die begonnen met de letters  S t/m Z moest afhandelen. We begroetten elkaar en ik kreeg nu een schitterend verzorgd blad uitgereikt, voorzien van foto’s van leerkrachten van vroeger en van stukjes geschreven door oudleerlingen en leerkrachten, foto’s van de school, klassenfoto’s, foto’s van schoolreisjes, rapportboekje etc.

Eenmaal in de school zelf duurde het niet lang dat ik Ika Smid tegen het lijf liep. Kennelijk beseffend dat ik bij haar zus Annie in de klas had gezeten vertelde ze waar ik mijn oude klasgenoten inclusief haar zuster kon vinden, ergens in een lokaal op de bovenste verdieping.

Toen ik weer in de centrale hal stond viel me op dat er in de binnenmuren van het gebouw vrij veel glaswerk was gebruikt; vooral bij lokalen die grensden aan de plaatsen waar zich de toiletten bevonden. Dat was natuurlijk met opzet gedaan opdat de leerkrachten vanuit de klas konden toezien wat er zich bij de toiletten eventueel afspeelde. Het betrof niet voor niets een gebouw van de “Vrije Christelijke School”

Ik begaf me nu naar het lokaal waar ik vroeger het schooljaar van  1e klas van de kleuterschool had doorgemaakt onder leiding van de lieve mooie juffrouw De Groot.Weer vielen me de hoge smalle ramen op die bovendien erg hoog in de gevel zaten, kennelijk om te voorkomen dat leerlingen naar buiten konden kijken, alsmede het grote glazen glaswerk dat zich over de gehele wand  tussen de twee lokalen uitstrekte en dat van boven begrensd werd  door een grote boog. In het lokaal zat een groep oudere mensen bij elkaar, dus hier moest ik niet zijn om oud-klasgenoten te ontmoeten. Ik hoorde trouwens om mij heen dat de mensen van mijn leeftijd zich met name op de eerste verdieping zouden bevinden.

Ik stapte het lokaal uit en begaf me eerst nog naar het aangrenzende ruimte, waar ik de tweede klas van de kleuterschool had doorlopen onder leiding van de heel wat minder sympathieke hoofd kleuterleidster, juffrouw Wellensieck. Ook in dit lokaal trof ik alleen maar oudere lichtingen van leerlingen aan.Ik liep weer terug de centrale hal in. Hier kwam ik Rob Kooning tegen, een klasgenoot van mijn oudere zus Atie. Hij begroette me hartelijk en ik vond hem nauwelijks veranderd. Voor het eerst sinds vele jaren beklom ik nu de trappen van de Oranjeschool.